De Burndown Chart

De Burndown Chart is een visuele tool die inzicht verschaft in de voorspelbaarheid van op te leveren werk. De Product Owner is verantwoordelijk voor het maken van de Burndown Chart. Dit gebeurt vanaf het einde van de eerste Sprint, als duidelijk is hoeveel moeite het heeft gekost om iets op te leveren. Met de Burndown Chart visualiseer je de resterende hoeveelheid werk van het totale project, door empirisch de feitelijk opgeleverde hoeveelheid werk door te trekken in de tijd.

Kenmerken van de grafiek:

  • De grafiek heeft een verticale as (de y-as) die de hoeveelheid werk of het aantal Story Points De horizontale as (de x-as) bepaalt de tijd en telt door tot de totale duur van het project uitgedrukt in het aantal resterende sprints.
  • De grafiek kent 2 lijnen:
    • Absolute lijn
    • Resterend werk lijn

Gebruik van de grafiek

Items of User Stories uit de Product Backlog zijn door het Development Team ingeschat op basis van Story- of Effort Points. De optelsom van al deze Story Points in de Product Backlog bepaalt de totale hoeveelheid werk. Dit betreft dus de totale omvang van je project. In de Burndown Chart zet je continue het aantal opgeleverde Story Points af tegen de verstreken tijd (bijvoorbeeld per Sprint). Je begint bij x=0 en y=0. Vanuit daar meet en plot je met vaste intervallen hoeveel werk (Story Points) er zijn opgeleverd. Vervolgens bepaal je wat het Resterende werk is. Dit doe je door de simpele rekensom

Resterend werk = Totaal werk – Opgeleverd werk

 

Door continue punten te plotten van opgeleverd werk (de absolute lijn), kun je een verbindende lijn trekken en zodanig de lijn van ‘resterend werk’ bepalen. Elk punt geeft aan hoeveel werk er nog resteert.

 

De ‘resterend werk lijn’

De ‘resterend werk lijn’ geeft zoals de naam al zegt het verwachte verloop aan van het op te leveren werk. De lijn loopt van de linkerbovenhoek diagonaal naar de hoek rechtsonder en plot je in dezelfde grafiek als waar je de ‘absolute lijn’ plot. De ‘resterend werk lijn’ geeft aan hoeveel werk je naar verwachting per Sprint oplevert. Dit is een doorgetrokken lijn van het gemiddeld opgeleverde werk van de voorgaande Sprints. Dit kenmerkt de empirische werkwijze van Scrum. Door de afstand tussen de ‘absolute werk lijn’ en de ‘resterend werk lijn’ te meten, kun je bepalen hoeveel het project voor, achter op synchroon loopt met de verwachting. Indien de ‘resterend werk-lijn’ onder de ‘absolute lijn’ ligt, loopt het project achter op schema. Indien de ‘resterend werk-lijn’ boven de ‘absolute lijn’ ligt, loopt het project voor op schema.